In de schijnwerper

Liggen we nog op koers? Doen we nog steeds de dingen die we hebben afgesproken en nog belangrijker: zien we de leerlingen hiermee de doelen bereiken die we voorstaan?

Dit vragen we ons regelmatig af. Weer even spiegelen met de visie, noem ik dat. Dit onderzoeken we in de praktijk en delen we met elkaar. Begeleiders van het KPC zijn hier destijds mee gestart bij ons. Fotograferend gingen ze de school door en ‘s middags kregen het team de presentatie van wat ze in de praktijk al zagen van onze plannen. Zeer constructief: trots mogen zijn op wat al bereikt is en samen zien wat er beter kan. In één middag wordt er veel duidelijk.

Vanaf nu doen we deze koersobservaties zelf. In februari 2015 zijn de leerkrachten van het veranderteam bewijzen van de visie gaan fotograferen in school en hebben dit zelf gepresenteerd aan het team. Hierbij was het bestuur uitgenodigd, zodat ook zij een helder beeld kregen hoe wij werken aan verbetering van ons onderwijs.

Kijk hier voor de Powerpoint presentatie koersobservatie

Relatie tot personeel
Het veranderteam bestaat uit 5 personen (3 leerkrachten en 2 directieleden) die de kar willen trekken op het gebied van onderwijsvernieuwing, studiedagen voorbereiden die te maken hebben met ons TOM-onderwijs en nu dus ook koersobservaties doen.
Het realiseren van modern TOM-onderwijs is een teamaangelegenheid. Er wordt samengewerkt in bouwen als het gaat om groepsoverstijgend werken en er wordt van en met elkaar geleerd. Dus ook samen kijkn naar foto’s van onze leerlingen aan het werk, ongeacht bij wie ze in de groep zitten: wat gaat er goed, wat kan beter? Daar draagt het personeel samen de verantwoordelijkheid voor en dat uit zich o.a. bij de koersobservatie.
Kortom: m.b.v. een koersobservatie groeien we nog dichter naar elkaar toe als het gaat om gezamenlijke verantwoordelijkheid voor de te bereiken doelen met kinderen.

Relatie tot organisatie
Wij willen een lerende organisatie zijn, geen belerende.
Leren kun je met elkaar en van elkaar. Koersobservaties als deze zijn helpend om de praktijk aan de visie te spiegelen. Doen we de goede dingen en doen we de dingen goed?
Dit kun je met elkaar concluderen om als organisatie en in samenwerking te groeien.

Relatie tot leeromgeving
Leren doe je op meer plekken dan in een klaslokaal en met meer hulpmiddelen dan alleen methodeboeken. Juist tijdens groepsoverstijgend werken (gow) krijgen andere leerstijlen een kans. Er wordt gewerkt door de gehele school heen, tijdens inloop en gow tref je overal in school lerende kinderen aan. Materialen kunnen efficiënt worden ingezet, omdat leerlingen met allemaal verschillende dingen bezig zijn.

Relatie tot leerinhoud
Blijf vooral doelgericht werken en laat je niet verleiden tot activiteitgericht werken. Dát hebben we o.a. door koersobservaties geleerd. Jezelf steeds afvragen: bereik ik hiermee wat ik wil bereiken? Hoe helpt deze werkvorm en dit materiaal in het bereiken van het doel?

Onze meest recente ontwikkeling is de leerlijn functioneel stellen in de taalklas (groep 6/7/8). Betekenisvolle stelopdrachten, allemaal gebaseerd op de referentieniveaus. Kinderen die weten wat ze hiermee leren en ervaren hoe hun schrijverij kan leiden tot bijvoorbeeld verbeteringen in en om school. Zolang je ze maar serieus hierin neemt.

Relatie tot leiding en verandering
Eigenaarschap, ruimte geven om te groeien en te ontwikkelen. Dat helpt je sterker te worden. Daarmee mogen jouw eigenheid en ideeën er zijn en kun je de organisatie verder helpen. Dát is het idee van waaruit de directie leiding geeft. Vanuit Rijnlands denken: eigenaarschap creëren. En daar is zo’n koersobservatie een mooi voorbeeld van.